Twee getallen bepalen de maat
Een batterij kan nooit meer opslaan dan er die dag daadwerkelijk overblijft, en nooit meer leveren dan je 's avonds verbruikt. De kleinste van die twee bepaalt wat je eruit haalt.
- Je overschot op een zomerse dag. Wat je die dag overhoudt en dus zou terugleveren.
- Je verbruik buiten de zonuren. Wat je 's avonds en 's nachts gebruikt en dus uit de batterij zou kunnen halen.
Is je overschot de rem, dan heeft een grotere batterij geen zin: hij komt niet vol. Is je avondverbruik de rem, dan ook niet: hij raakt niet leeg.
Reken met de zomer, niet met het jaargemiddelde
In juli is je overschot vele malen groter dan in januari. Dimensioneer je op het jaargemiddelde, dan is de batterij in de zomer te klein en staat hij 's winters leeg. Daarom rekent onze keuzehulp het zomerhalfjaar en het winterhalfjaar apart.
Tel er twee opslagen bij op
Wat op de doos staat is niet wat je eruit haalt:
- Rendement. Er gaat meer in dan er uit komt. Bij een retourrendement van 90% moet je ruim 1,1 kWh laden om er 1 kWh uit te halen.
- Bruikbare diepte. Van de capaciteit op het typeplaatje is niet alles bruikbaar; bij LFP-batterijen ligt dat rond 95%.
Samen tilt dat het advies ongeveer een halve tot een hele maat omhoog ten opzichte van een som die alleen naar je avondverbruik kijkt.
Rond naar boven afEen batterij die net te klein is, loopt elke zomerse avond leeg voordat de piek voorbij is. Een halve kilowattuur te veel kost een paar tientjes en is nooit een probleem.